Heb ik coeliakie of glutensensitiviteit?
Heb je buikklachten na het eten van brood, pasta of andere graanproducten? Of ervar jij andere klachten zoal tekorten in je bloedwaarden zoals ijzer en vitamine b12 zonder aanwijsbare reden? Dan vraag je je misschien af of er sprake kan zijn van coeliakie of glutensensitiviteit. Die vraag is belangrijk, want de aanpak verschilt per aandoening. Coeliakie is een auto-immuunziekte en vraagt om een levenslang strikt glutenvrij dieet. Daarom is een goede diagnose essentieel.
Veel mensen stoppen alvast met gluten eten zodra ze klachten ervaren. Begrijpelijk, maar juist dat kan een onjuiste diagnose geven. Dat komt namelijk dat wanneer jij stopt met bet eten van gluten dan verdwijnen de antistoffen in jouw bloed. Wanneer ze dan je antistoffen gaan testen worden deze niet meer gemeten.
Wat is coeliakie?
Bij coeliakie reageert het afweersysteem op gluten, een eiwit dat voorkomt in tarwe, rogge en gerst. Door die reactie raakt het slijmvlies van de dunne darm beschadigd. Hierdoor kunnen voedingsstoffen minder goed worden opgenomen.
Klachten verschillen sterk per persoon. Denk aan:
- buikpijn
- diarree of obstipatie
- opgeblazen gevoel
- vermoeidheid
- ijzertekort of bloedarmoede
- gewichtsverlies
- hoofdpijn
- huidklachten
- botontkalking
Sommige mensen hebben nauwelijks darmklachten, waardoor coeliakie soms laat wordt ontdekt.
1. Eerst naar de huisarts
De eerste stap is meestal een bloedonderzoek via de huisarts. Hierbij wordt gekeken naar antistoffen die passen bij coeliakie, zoals tTG-IgA. Vaak wordt ook totaal IgA bepaald. Zijn deze waarden verhoogd? Dan volgt meestal verwijzing naar een specialist.
2. Gluten blijven eten tijdens onderzoek
Voor betrouwbare uitslagen moet je vóór het onderzoek gluten blijven eten. De NCV geeft aan dat een periode van voldoende gluteninname nodig is voordat bloedonderzoek of een biopt plaatsvindt.
Wanneer je al glutenvrij eet, kunnen bloedwaarden normaliseren en kan schade aan de darm herstellen. Daardoor wordt coeliakie lastiger vast te stellen.
3. Onderzoek in het ziekenhuis
Bij volwassenen is aanvullend onderzoek in het ziekenhuis meestal nodig via een MDL-arts. Dit bestaat vaak uit een gastroscopie met dunne darmbiopten. Tijdens dit onderzoek worden kleine stukjes weefsel uit de dunne darm genomen om te beoordelen of de darmvlokken beschadigd zijn, zoals kan voorkomen bij Coeliakie. Een darmbiopt blijft bij volwassenen doorgaans onderdeel van het diagnostisch traject.
4. Bij kinderen soms zonder biopt
Bij kinderen kan de diagnose Coeliakie in sommige gevallen worden gesteld zonder darmbiopsie. Dit is mogelijk wanneer:
- de TG2-antistoffen meer dan 10 keer boven de normaalwaarde liggen
- de EMA-antistoffen positief zijn
Wanneer de TG2-antistoffen meer dan 10 keer verhoogd zijn én EMA positief is, hoeft voor de diagnose niet langer het genotype HLA-DQ2 of HLA-DQ8 bepaald te worden.
Ook is het niet meer noodzakelijk dat een kind duidelijke klachten heeft die passen bij coeliakie. Deze diagnose zonder biopsie is veilig gebleken bij zowel kinderen mét klachten als kinderen zonder duidelijke symptomen. Coeliakie kan zich op veel verschillende manieren uiten: van buikklachten en groeiachterstand tot vermoeidheid, overgewicht of slechts subtiele signalen.
Wanneer is een darmbiopt nog wel nodig?
Bij kinderen met een TG2-waarde minder dan 10 keer boven de normaalwaarde is nog steeds aanvullend onderzoek met een dunne darmbiopsie nodig.
Daarbij wordt geadviseerd om:
- Minimaal 4 biopten uit het distale deel van het duodenum
→ Er moeten minstens vier kleine hapjes weefsel worden genomen uit het verder gelegen deel van de twaalfvingerige darm (het eerste stuk van de dunne darm, iets verder dan het begin). - Minimaal 1 biopt uit de bulbus van het duodenum
→ Er moet ook minstens één stukje weefsel worden genomen uit de bulbus: dat is het eerste beginstukje van de twaalfvingerige darm, direct na de maag.
Zo kan de diagnose zo betrouwbaar mogelijk worden gesteld.
Hoe zit het dan met glutensensitiviteit?
En wat is glutensensitiviteit?
Wanneer coeliakie en tarwe-allergie zijn uitgesloten, maar iemand wél klachten ervaart na het eten van glutenbevattende producten, kan er sprake zijn van niet-coeliakie glutensensitiviteit.
Er is hiervoor geen duidelijke bloedtest of biopt zoals bij coeliakie. De diagnose wordt meestal gesteld door andere oorzaken uit te sluiten en klachten zorgvuldig te evalueren.
Waarom een juiste diagnose zo belangrijk is
Veel mensen denken dat glutenvrij eten “geen kwaad kan”. Toch heeft een glutenvrij dieet impact:
- sociale beperkingen
- risico op tekorten bij slechte vervanging
- hogere kosten
- onnodige stress rondom voeding
Daarom is het verstandig eerst duidelijkheid te krijgen: is het coeliakie, glutensensitiviteit, PDS of iets anders?
Wat kun je doen bij klachten?
Heb je regelmatig klachten na brood, pasta of andere glutenbevattende producten?
- Stop niet direct met gluten
- Houd klachten bij
- Maak een afspraak met je huisarts
- Vraag zo nodig om verder onderzoek
Meer lezen?
Bekijk alle artikelen